Een gouden randje 

Blog 31 maart 2021

Een gouden randje 

De eerste gast (ik noem hem Ben) was natuurlijk al een bijzondere gast. Zijn omstandigheden waren zwaar. Terwijl hij ernstig ziek in een ziekenhuis lag, overleed zijn vrouw. Ben wilde koste wat het kost bij de uitvaart zijn. Hij hoopte bij ons in het hospice, dichtbij zijn dochter, zoveel mogelijk op te knappen voor het afscheid van zijn vrouw. Hij had behoefte aan rust en steun. 

Organisatorisch kon alles geregeld worden en zo stonden wij klaar om Ben te verwelkomen.  Samen met anderen droeg ik hem van de ambulance-brancard in bed. Beschermd met een mondkapje keek ik hem indringend aan: ’Wij zijn er voor je Ben, je ben 24 uur per etmaal met warme armen en goede zorg omhuld’.

En zo was het. Vrijwilligers, wij coördinatoren, huisarts en wijkverpleegkundigen van de Zorgcirkel en Evean stonden voor hem klaar. Ook Jessica Zwart, die haar droom met het realiseren van ons hospice zag uitkomen, betrokken we graag bij deze ontvangst. Hier begon een nieuwe, laatste fase van Bens leven.

Na twee dagen van rust en fijne contacten tussen ons en deze aandachtige gast en zijn familie kon Ben met de Stichting Wensambulance inderdaad naar de uitvaart van zijn vrouw. Een reis in veilige handen, en een prachtig afscheid van zijn grote liefde waarmee hij ruim vijftig jaar samen was. 

De volgende dagen had hij het vaak benauwd. Hij genoot ervan om samen met zijn kleinzoon naar voetbal te kijken. Maar als hij alleen en benauwd was, wilde hij graag aan zijn bed aan iedere arm een hand voelen. Dus als zijn familie afwezig was zaten onze vrijwilligers met aandacht en geduld aan zijn bed gekluisterd. Toen Jessica langskwam om hem te vragen hoe het ging zei hij zich de koning te rijk te voelen. Het verblijf bij ons had hem lucht gegeven, letterlijk en figuurlijk.

Zelf hield ik me wat afzijdig, hij zag al genoeg verschillende gezichten achter mondkapjes, hij zou het mijne wel kunnen missen. Toen ik aan het eind van de dag, toen hij vooral sliep, even om het hoekje ging kijken, gingen zijn ogen toch open. ‘Goh, ik wilde je niet wakker maken, het zoveelste gezicht aan je bed…’

‘Maar jouw gezicht herken ik wel’ en hij wenkte me naderbij. Zo maakten we nog een praatje, een moment van wederzijds. Op de terugweg naar huis bedacht ik me dat invullen wat een ander vindt meestal niet nodig is.  Zijn sprankelende ogen gaven aan hoe welkom dit contact was.

Inmiddels is Ben overleden. Wat was de familie blij met de rust, de warmte en de liefdevolle zorg bij ons. ‘Het was een verblijf met een gouden randje, waaraan iedereen nog graag wat dagen aan zijn leven hadden willen toevoegen’, aldus Bens dochter tenslotte.

 31 maart 2021

Els Rosenmöller,
Coördinator Hospice Egmond.

H0sp1c3Een gouden randje 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *